top of page
Dit dus.
Soms. Soms loop ik over straat en denk ik: dit dus.
Mooi. Klote in het dagelijks leven.
Zonder er veel woorden aan vuil te maken.


Wintervast tot het vriest: er is altijd iemand die erin trapt
„ Zijn ze blijvend?” vraagt ze hoopvol. Een bosje paars struikgewas in haar hand. „ Ja, maar alleen tot eind mei, begin juni,” zegt hij met dat zelfverzekerde Utrechtse gemak. Haar „ oh” is nauwelijks verstaanbaar. Mooi. Met een deadline. Drie voor een tientje. „Bloeit gigantisch”, „erg fleurig”, „zeer gezellig”, „wintervast.” Gele kaartjes schreeuwen beloftes over Janskerkhof. Iemand trapt er altijd in. „ We zijn vanmiddag een tweede ronde tulpen wezen halen,” zegt Tom
Nina Dijkstra
8 apr2 minuten om te lezen


Regels die niet de mijne zijn: Nu. Even. Niet.
In mijn dromen ben ik nog ergens anders. Tot een klagend onderbuikgevoel me wakker maakt. Twee ibuprofen, hup, in mijn mik. Terug in foetushouding: dit klote begin van de dag nog even uitstellen. De beer is los. Opoe op bezoek. Aardbeienjam. Die tijd van de maand. Ik ga er geen doekjes om winden: ongesteld. Hoe dat voelt? Volgens Encyclo: „lichamelijk niet in orde”, „gederangeerd”, „onpasselijk” en „zwak”. Tja. Don’t blame me als ik dat liever verbloem. Een reactie di
Nina Dijkstra
25 mrt1 minuten om te lezen


Peter, Cheryl en de stad waar ik woon
„Madame, où est le Bozar?” Tot mijn eigen verbazing weet ik het antwoord. „Oui, tout droit et à gauche!” Een voordeel van toeristen in je „eigen” stad: even de Franstalige local uithangen. Dat goede gevoel verdwijnt snel zodra er een bus toeristen wordt leeggekieperd. Ik struikel over Peter die midden op straat zijn broek afritst. En door mijn koptelefoon hoor ik Cheryl haar man uitkafferen omdat hij alwéér een foto maakt waarin haar onderkin de hoofdrol speelt. „ Merde .”
Nina Dijkstra
8 mrt1 minuten om te lezen
bottom of page

